Paul van Vliet
Children of Gold
18 december

“Het was een soort slavenkamp. Ik heb dingen gezien die het daglicht niet konden verdragen, een verzameling kinderen aan het werk in de brandende zon. Op zoek naar goud, bezig met een illusie. Ik heb de hele dag met ze opgetrokken en niet één kind zien lachen. Dat heb ik nog nooit meegemaakt, in al mijn reizen niet. Er waren altijd wel kinderen die lachten. Hoe arm ook, hoe verschrikkelijk de omstandigheden ook waren. Behalve oorlogskinderen. Die lachen ook niet. Maar dit was beklemmend, omdat het er zoveel waren.”
Afrikaanse speelzaal
Toch stond de 75-jarige Paul van Vliet er ook met opgeheven hoofd. “Het is een balans van winst en verlies. Dit is een hoopvol project. UNICEF is bezig die kinderen uit de mijn te krijgen en op school. Kinderen krijgen een opleiding, moeders krijgen hulp in de vorm van microkrediet. Er werkten 20.000 kinderen in de mijnen van Burkina Faso, daarvan zijn er nu al 2.000 die onderwijs volgen en onder de pannen zijn. We zijn in 2009 begonnen en dat is voor UNICEF-begrippen nog maar kort. Het gaat altijd stapje voor stapje, tergend langzaam. Er zijn ‘peuterspeelzalen’ voor de kleinsten met werkende moeders, er zijn basisscholen waarna kinderen aansluitend vakopleidingen kunnen volgen. Tot nu toe hebben we 100% werkverschaffing kunnen realiseren. Het zijn er maar 150, maar toch. Als je deze kinderen vraagt wat ze later willen worden, kiezen ze altijd voor een beroep dat de wereld verbetert. Hún wereld. Ze zeggen nooit piloot of profvoetballer. Altijd onderwijzer, verpleger, of bouwvakker. Dat is bij ons wel anders.”
© Foto: Peter de Jong






