De begrijpelijke keuze van Ziggo: DVB-C boven hogere upload

Ziggo levert sinds oktober via DOCSIS 4.0 internet tot 8 Gbit/s. De uploadsnelheid blijft flink achter, namelijk 350 Mbit/s bij het abonnement van 8 Gbit/s en 250 Mbit/s bij 4 Gbit/s. Bij het instapabonnement van 200 Mbit/s is dat slechts 25 Mbit/s.
DVB-C kost frequentieruimte
Daar is een duidelijke reden voor. Televisie via DVB-C gebruikt een deel van de frequenties op de coaxkabel. DOCSIS 4.0 maakt in theorie een upload tot 6 Gbit/s mogelijk, maar wie die capaciteit volledig wil benutten, moet DVB-C uitschakelen. Ook moet Ziggo om een dergelijke hoge upload te kunnen leveren overstappen op Full Duplex. Om dit mogelijk te maken, moeten straten opengebroken worden voor het vervangen van een deel van de nog aanwezige coax voor glasvezel. Ziggo kiest daar bewust niet voor. Eind vorig jaar liet het kabelbedrijf aan Totaal TV weten geen plannen te hebben om te stoppen met DVB-C. Alleen enkele kleine zenderpakketten zijn eerder naar IPTV overgezet.
Waarom DVB-C telt
DVB-C werkt los van de internetverbinding. Een televisie met ingebouwde DVB-C-tuner volstaat, een extra kastje is niet nodig. Meer dan honderd tv- en radiozenders zijn ongecodeerd te ontvangen. Haperende wifi, een overbelaste internetverbinding of een internetstoring heeft geen invloed op het tv-beeld. IPTV loopt via meer schakels en is daardoor gevoeliger voor storingen. Omdat glasvezelaanbieders als KPN en Odido alleen IPTV leveren, is DVB-C een belangrijk onderscheidend punt voor Ziggo, een zogenaamde Unique Sellingpoint (USP).
Upload meestal voldoende
Voor de meeste huishoudens is de in vergelijk met glasvezel lagere upload van Ziggo geen probleem. Een videogesprek in HD vraagt ongeveer 5 tot 8 Mbit/s upload. Twee thuiswerkers die tegelijk videobellen terwijl foto’s naar de cloud gaan, komen met 25 tot 50 Mbit/s doorgaans uit. Wie dagelijks grote bestanden verstuurt, live streamt of omvangrijke back-ups maakt, merkt het verschil echter wel. Het percentage consumenten die dit doen, is echter relatief klein. Voor het overgrote deel van de Ziggo-klanten is dus het extra DVB-C met vrije hardware keuze en geen restricties bij opgenomen tv-programma’s van grotere waarden dan een extreem hoge uploadsnelheid die toch niet effectief wordt gebruikt.
Voordeel glasvezel zit in de instap
Het voordeel van glasvezel is niet alleen symmetrisch internet bij de snelste abonnementen. Het grootste verschil zit bij de goedkopere instapabonnementen. Bij Ziggo levert 200 Mbit/s voor 41,95 euro per maand een upload van 25 Mbit/s. Bij aanbieders als Odido en Budget Thuis is de upload van een instapabonnement van 100 tot 400 Mbit/s gelijk aan de download, voor een vergelijkbare of lagere maandprijs. De prijs van het KPN glasvezel instapabonnement is vrijwel gelijk als Ziggo, alleen wordt hierbij gelijk download een uploadsnelheid van 200 Mbit/s geleverd.
Begrijpelijk
Ziggo offert dus uploadsnelheid op voor stabiele televisie die zonder extra apparatuur werkt. Voor de gemiddelde kijker is dat een begrijpelijke ruil. Wie veel uploadt, blijft met glasvezel beter af. En die keuzevrijheid is op veel adressen aanwezig. Naast een Ziggo toegangspunt is op een groeiend aantal adressen – meer dan 85 procent op dit moment – toegang tot de glasvezels van KPN (NetwerkNL of Glaspoort), Delta Fiber of Open Dutch Fiber (ODF) aanwezig.












