Digitenne-frequenties vanaf nul euro in veiling

Het ministerie van Economische Zaken stelt geen minimumprijs
aan bedrijven die willen bieden op uitzendlicenties voor digitale ethertelevisie
voor de periode na 1 februari 2017. Dat blijkt uit de spelregels voor de
frequentieveiling die het ministerie openbaar heeft gemaakt.
Er zijn nog meer voorwaarden aan de frequentieveiling van
digitale ethertelevisie, in Nederland beter bekend als Digitenne of DVB-T. Zo
moeten er minimaal twee van elkaar onafhankelijke bedrijven een bod hebben
gedaan. Heeft er slechts één bedrijf een bod uitgebracht, dan worden de
nieuwe uitzendlicenties niet uitgegeven.
NPO krijgt automatisch nieuwe vergunning
KPN – voor Digitenne – en de NPO zijn op dit moment eigenaar
van de uitzendlicenties die op 1 februari 2017 aflopen. KPN dient aan de nieuwe
frequentieveiling deel te nemen om ook na deze datum Digitenne te kunnen blijven
aanbieden. De NPO krijgt automatisch een nieuwe uitzendlicentie voor de
verspreiding van de landelijke tv- en radiozenders. Datzelfde geldt ook voor de
regionale omroepen voor digitale ethertelevisie in de provincie waarvoor wordt
uitgezonden. Dit komt omdat de publieke omroep een wettelijke verplichting
heeft om free-to-air – dus zonder smartcard en abonnement – in Nederland uit te
zenden.
Frequenties niet verdeeld
De uitzendlicenties voor digitale ethertelevisie komen bij
één partij terecht en worden dus niet onder meerdere marktpartijen verdeeld.
Dit komt omdat er slechts één frequentiekavel is waarop geboden kan worden. KPN
heeft om een uitstel van twee jaar van de frequentieveiling gevraagd. Het
telecombedrijf kan de onderbouwing van het uitstel tot 24 maart toelichten tijdens
een publieke consultatie.









