Is de providerdecoder nog wel nodig bij huidige manier van tv-kijken?

Het vertrouwde kastje onder de televisie krijgt serieuze concurrentie van apps op smart-tv's en mediaspelers. Nu streamingdiensten in Nederland voor het eerst meer omzet draaien dan traditionele tv-abonnementen, dringt de vraag zich op: heeft de providerdecoder zijn langste tijd gehad?
Kijkgedrag verandert in hoog tempo
Nederlanders kijken steeds minder lineaire televisie. Volgens NMO Mediatrends keken we in 2025 gemiddeld 118 minuten per dag naar televisiezenders, elf minuten minder dan een jaar eerder. Vooral live kijken loopt terug, terwijl uitgesteld kijken stabiel blijft.
Die verschuiving is ook zichtbaar in de abonnementscijfers. Marktonderzoeker Telecompaper telt nog 6,38 miljoen huishoudens met een tv-abonnement, 115.000 minder dan een jaar eerder. In het eerste kwartaal van 2026 lag de omzet uit streamingdiensten (SVOD) bovendien voor het eerst hoger dan die uit tv-abonnementen: ruim 301 miljoen euro tegenover 291 miljoen euro. Uit eerder onderzoek van Telecompaper bleek al dat zo'n 15 procent van de huishoudens helemaal geen tv-abonnement meer heeft; onder jongeren gaat het zelfs om circa 30 procent. Het aanhoudende cordcutten verloopt in Nederland minder hard dan in de Verenigde Staten, maar de trend is onmiskenbaar.
Tv kijken kan al lang zonder kastje
Wie nog wél een tv-abonnement heeft, is voor het kijken allang niet meer afhankelijk van een decoder. Alle grote providers bieden inmiddels een volwaardige tv-app voor smart-tv's en mediaspelers. Met de KPN TV+ App kijken klanten op onder meer Android TV-, Samsung- en LG-televisies vrijwel het volledige zenderaanbod, inclusief opnemen, pauzeren en terugkijken. Ziggo-klanten kunnen met Ziggo GO op onder meer Apple TV, Android TV, Fire TV en Samsung-tv's terecht voor live tv, Replay TV en on-demand. Odido gaat nog een stap verder: de Odido TV App draait zonder extra kosten op maximaal vier toestellen en biedt dezelfde functies als de Mediabox.
Voor televisies zonder smart-functies volstaat een losse mediaspeler, zoals een Fire TV Stick of Google TV Streamer. Zo'n eenmalige aanschaf is vaak voordeliger dan het maandelijks huren van een extra decoder.
Sport laat zien hoe versnipperd tv kijken is geworden
Hoe weinig het klassieke kastje nog centraal staat, bewijst het sportaanbod. De Vlaamse krant Het Laatste Nieuws zette onlangs in een grote voetbalkijkgids op een rij waar welke competities te zien zijn en wat dat kost en zo'n overzicht is hard nodig. Ook in Nederland zijn de rechten flink versnipperd: de Eredivisie zit bij ESPN, de Champions League tot bij Ziggo Sport, de Premier League grotendeels bij Viaplay met de zaterdagmiddagwedstrijd bij Prime Video, en ook de Formule 1 loopt via Viaplay. Begin juli werd bovendien bekend dat DPG Media Viaplay Nederland overneemt en onderbrengt bij Videoland.
Al die diensten draaien als app op elke smart-tv of mediaspeler. Een providerdecoder is daarvoor niet nodig en soms zelfs niet voldoende. Tegelijk laten providers zien dat het kastje juist een wapen is om sportkijkers aan zich te binden. In België keerde het nationale voetbal na het akkoord met DAZN terug op de decoders van Telenet, Proximus en Orange. Telenet bood ter gelegenheid daarvan zelfs acht play-offduels gratis aan bij klanten met een decoder. In Nederland kan een cordcutter geen legaal abonnement kopen voor ESPN en Ziggo Sport Totaal. Deze abonnementen zijn alleen via een provider te koop als aanvulling bij het traditionele tv-abonnement.
Waarom het kastje nog niet is afgeschreven
Toch investeren providers volop in nieuwe hardware. KPN bracht met de TV+ Soundbox een decoder op Android TV uit met ingebouwde speakers en Dolby Atmos. Ziggo levert nieuwe klanten standaard de Next Mini en werkt achter de schermen aan een opvolger, terwijl DVB-C en CI+-modules de komende jaren ondersteund blijven.
Daar zijn goede redenen voor. De ontvanger biedt bij veel providers een stabielere en hogere beeldkwaliteit dan de app. Bij KPN zijn 4K-zenders bijvoorbeeld alleen via de tv-ontvanger te bekijken en ontbreken in de smart-tv-app de radiozenders; bovendien werkt die app alleen thuis op het eigen KPN-netwerk. Daarnaast draait een decoder op élke televisie, ook op oudere toestellen zonder smart-functies, en biedt hij de vertrouwde bediening: één afstandsbediening, zappen door de zenderlijst en opnemen zonder eerst in te loggen. Dat er een markt blijft voor lineair gemak, bewijst ook Viaplay TV+: een gewoon tv-kanaal voor kijkers die niet willen of kunnen streamen.
Van noodzaak naar keuze
De providerdecoder is anno 2026 niet meer voor iedereen nodig, maar zeker nog niet overbodig. Wie vooral streamt en een moderne smart-tv heeft, kan prima uit de voeten met de tv-app van de provider of zegt het tv-abonnement helemaal op. Wie hecht aan maximale beeldkwaliteit, het complete zenderaanbod, stabiliteit of simpelweg de vertrouwde manier van zappen, blijft met het kastje het beste af.
Dat het klassieke tv-pakket voorlopig niet verdwijnt, blijkt ook uit cijfers van Overstappen.nl: ruim 42 procent van de nieuw afgesloten abonnementen in 2025 bestond uit internet mét tv, tegenover ruim 26 procent in 2021. De decoder verschuift daarmee van standaarduitrusting naar bewuste keuze. Het kastje verdwijnt niet, het verliest alleen zijn vanzelfsprekendheid.





