UPC en Hilversum zien elkaar voor Europese rechter

De gemeente Hilversum en mediabedrijf
UPC vechten een al langer lopende juridische strijd over het kabeltarief dat
UPC in de gemeente Hilversum mag voeren voor het Europese Hof van Justitie
verder uit.
De gemeente Hilversum verkocht haar
kabelnet in 1996 aan UPC. Bij verkoop van het kabelnet bedong Hilversum de
voorwaarde dat het mocht meebeslissen over het tarief van het RTV-pakket. UPC
wil nu echter van deze oude overeenkomst af. Het standaardtarief voor het
RTV-pakket ligt in Hilversum met een maandelijkse prijs van €12,05 precies 5
euro lager dan in vrijwel alle andere gemeenten in het UPC verzorgingsgebied,
UPC beroept zich bij het willen ontbinden van de oude overeenkomst op het
nieuwe Europees recht dat in 2003 is ingegaan en een marktanalyse van de
Nederlandse telecomwaakhond OPTA uit 2005. Dit meldt Telecompaper vandaag.
Hieruit blijkt dat niet gemeenten maar
alleen de OPTA het recht heeft om in te grijpen bij tarieven voor
eindgebruikers. Hier staat wel tegenover dat overheden de vrijheid hebben om
privaatrechtelijke overeenkomsten te sluiten. Het Hof in Amsterdam wil nu van het
Europese Hof van Justitie weten wat in dit geval het zwaarst weegt.
De uitspraak van het Europese Hof van
Justitie wordt niet alleen door UPC en de gemeente Hilversum met belangstelling
afgewacht. Het gaat hier namelijk over een principiële uitspraak die niet
alleen in dit geschil van belang is. Alleen UPC heeft in haar verzorgingsgebied
zes gemeenten die door soortgelijke overeenkomsten bij de overname van het
kabelnetwerk van de lokale overheden een lager RTV-tarief hebben. Ziggo dient
in acht gemeenten hierdoor een lager RTV-tarief te voeren.










