UPC verliest rechtszaken van KPN en Tele2

Een
gevoelige juridische tik voor UPC Nederland. Dat is wellicht de beste
omschrijving voor het verlies van twee rechtszaken die het mediabedrijf de
afgelopen week heeft geleden. Directe concurrenten KPN en Tele2 krijgen in
afzonderlijke rechtszaken gelijk van de rechter.
Beide
rechtszaken houden verband met misleidende reclame voor digitale diensten. UPC
communiceert in reclames vrijwel nooit dat voor het afnemen van digitale
diensten een abonnement op afname van het standaard, analoge, kabelpakket
verplicht is. Dit houdt in dat de prijs opgegeven in de reclame van UPC in
vrijwel alle gevallen vermeerderd moet worden met ongeveer 17 euro per maand.
Opvallend was overigens dat het kort geding tegen KPN werd opgestart door UPC
zelf. In de zaak kwam KPN uiteindelijk met een tegeneis. De rechter wees de
vordering van UPC af. Hij gaf zelfs KPN gelijk in de tegeneis. UPC mag van de
rechter wel stellen dat UPC de kijker een beter beeld en geluid mag beloven
maar niet, zoals in een reclame gedaan is, vanaf 4 euro extra per maand. De
daadwerkelijke kosten zijn namelijk rond de 21 euro omdat men het standaard-rtv
abonnement bij digitale televisie bij UPC verplicht moet afnemen. Ook KPN heeft
volgens de rechter misleidende reclame gemaakt, zo werd digitale televisie
aangeboden voor €9,95 per maand maar daarbij werd eveneens niet duidelijk
genoeg vermeldt dat hier een verplichte internetabonnement bij moest worden
afgesloten, maar de rechter vond het genoeg dat KPN aan UPC had toegezegd dat
niet meer te doen en na eerste sommatie de betrokken commercial heeft aangepast.
Hierdoor werd de vordering van UPC afgewezen.
Ook
werd verlies geleden in een hoger beroep zaak bij het Hof in Amsterdam. Ook
hierbij ging het om een soortgelijke zaak. Waar de rechtbank eerder in voordeel
van UPC besliste gaf het Hof in Amsterdam nu Tele2 het gelijk aan de zijde. UPC
mediawoordvoerder Ronald Sutmuller reageert tegenover Totaal TV over deze hoger
beroep uitspraak: “Met deze uitspraak van het Hof lijkt een nieuwe trend in te
zijn gezet. Waar eerst disclaimers volstonden, wordt nu nog explicietere
marketingcommunicatie verlangd. Duidelijk communiceren en transparantie vinden
we erg belangrijk. Zo herschreven wij al enkele jaren geleden onze
consumentenvoorwaarden in heldere taal. Marketinguitingen die wij na 2008
gebruikten zijn ook voorgelegd aan het Hof. Deze zijn goedgekeurd. Wij zullen
de uitspraak van het Hof nader bestuderen en vervolgens bepalen of en wanneer
wij vervolgstappen ondernemen. Hoe dan ook duidt deze ontwikkeling er op dat
concurrentie in de markt flink aan het toenemen is. Marktpartijen houden elkaar
zeer nauw in de gaten.”










