Bezem door NPO, tot 25 miljoen euro bezuinigingen

De NPO – de centrale organisatie van
de Publieke Omroep, gaat de komende jaren flink bezuinigen. Hierdoor gaan veel
banen bij de NPO verloren. Het personeelsbestand moet van 20 procent worden
ingekrompen.
Henk Hagoort – bestuursvoorzitter van
de NPO – vanmorgen het personeel over de op stapel zijnde bezuinigingen
ingelicht. De NPO wil ondanks de forse bezuinigingen niet tornen aan de
kwaliteit van de programmering. Mede hierdoor komt het personeelsbestand onder
druk te staan. De NPO denkt met de reorganisatie 20 miljoen euro te kunnen
bezuinigen. Dit kan volgens Hagoort tot 25 miljoen euro oplopen als de
regeldruk vanuit de overheid afneemt en als voorgenomen fusies tussen publieke
omroepen daadwerkelijk worden doorgevoerd. Hagoort ontziet bij de bezuinigingen
ook het hoge kader niet. De Raad van Bestuur van de NPO wordt teruggebracht van
drie naar twee personen, bij de Raad van Toezicht verdwijnen twee posities.
Deze wordt teruggebracht tot 5 personen. Het aantal directies binnen de NPO
wordt daarnaast verkleind en stafafdelingen worden samengevoegd. Ook de
ondersteunende en faciliterende diensten worden afgeslankt door ze uit te
besteden of samen te voegen met diensten van de omroepen. In 2012 leidt dat tot
een kleinere NPO.
Hagoort over de keuze van de NPO om de
kwaliteit van de programmering de prioriteit te geven: "Ten dienste van het
publiek voeren wij de regie over de publieke omroep. Daarvoor zal de NPO
focussen op zijn kerntaken: programmeren, distribueren en strategie. Zo zorgen
wij dat de beste programma's op de beste manier bij het publiek komen.” De
bezuinigingen bij de NPO treffen ook de zelfstandige publieke omroepen. Tachtig
procent van het budget van de NPO wordt namelijk besteedt aan taken die de NPO
voor publieke omroepen uitvoert.
De NPO brengt zijn innovatie- en
internetactiviteiten onder binnen de resterende directies Audio, Video en
Distributie. Hagoort: "Innovatie en internet blijven onverminderd onderdeel van
ons primaire proces. Want alleen zo kunnen we inspelen op het veranderende
mediagedrag.





